Deze week maken de Nobelcomités in Stockholm en Oslo bekend wie de Nobelprijzen van 2026 krijgen. Het begint op maandag 5 oktober met geneeskunde en het eindigt op maandag 12 oktober met economie. Wat je dan op televisie ziet, is een persconferentie van een paar minuten. Daarachter zit een procedure van ruim een jaar, met duizenden voordrachten, geheime rapporten en een stemming waar niemand tegen in beroep kan. Hieronder lees je hoe dat in elkaar zit, op basis van de uitleg op de officiële site van de Nobelprijs.
Wanneer welke prijs wordt bekendgemaakt
De zes prijzen worden verdeeld over acht dagen. De tijden zijn steeds het vroegste moment, het kan dus iets later worden.
| Prijs | Bekendmaking 2026 |
|---|---|
| Fysiologie of geneeskunde | maandag 5 oktober, vanaf 11.30 uur |
| Natuurkunde | dinsdag 6 oktober, vanaf 11.45 uur |
| Scheikunde | woensdag 7 oktober, vanaf 11.45 uur |
| Literatuur | donderdag 8 oktober, vanaf 13.00 uur |
| Vrede | vrijdag 9 oktober, 11.00 uur |
| Economie | maandag 12 oktober, vanaf 11.45 uur |
De uitreiking zelf is op 10 december. De vredesprijs wordt dan in Oslo uitgereikt, alle andere prijzen in Stockholm.
Wie mag iemand voordragen
Je kunt jezelf niet voordragen, en voor de meeste prijzen kun je ook niet zomaar iemand anders aanmelden. Vanaf september sturen de Nobelcomités uitnodigingen naar duizenden mensen over de hele wereld, met het verzoek kandidaten te noemen voor de prijs van het jaar erna. Het gaat om leden van academies, hoogleraren, wetenschappers, eerdere winnaars en parlementsleden. Die mensen worden zo gekozen dat er na verloop van tijd zoveel mogelijk landen en universiteiten aan bod komen.
Voor natuurkunde, scheikunde en economie werkt het alleen op uitnodiging. Bij natuurkunde zijn dat bijvoorbeeld leden van de Koninklijke Zweedse Academie van Wetenschappen, vaste hoogleraren in Scandinavië en hoogleraren van ten minste zes universiteiten elders die elk jaar door de Academie worden uitgekozen.
De vredesprijs is de uitzondering. Daarvoor is geen uitnodiging nodig, maar je moet wel in een van de vaste groepen vallen. Denk aan leden van een nationaal parlement of een regering, een staatshoofd, rechters van de internationale hoven in Den Haag, hoogleraren in onder meer geschiedenis, recht en filosofie, en eerdere winnaars van de vredesprijs. Een Nederlands Tweede Kamerlid mag dus gewoon een kandidaat voor de vredesprijs aandragen.
Voor alle prijzen geldt dezelfde deadline. De voordracht moet uiterlijk 31 januari om middernacht binnen zijn. Wie later komt, schuift door naar het jaar daarna.
Wie er uiteindelijk beslist
Elke prijs heeft een eigen instelling die de winnaar kiest. Een Nobelcomité van een handvol leden doet het voorwerk en schrijft een advies, en een grotere groep neemt het besluit.
- Natuurkunde, scheikunde en economie worden gekozen door de Koninklijke Zweedse Academie van Wetenschappen.
- Geneeskunde wordt gekozen door de Nobelvergadering van het Karolinska Instituut, die 50 leden heeft. Zij stemmen op de eerste maandag van oktober en maken de winnaar dezelfde dag bekend.
- Literatuur wordt gekozen door de Zweedse Academie, die 18 leden heeft. Een kandidaat heeft meer dan de helft van de uitgebrachte stemmen nodig.
- De vredesprijs wordt gekozen door het Noorse Nobelcomité, vijf mensen die door het Noorse parlement worden benoemd.
Tussen de deadline en de stemming zit veel werk. Bij literatuur maakt het comité in april een lijst van 15 tot 20 namen, die in mei terug wordt gebracht tot vijf. De leden van de Academie lezen in de zomer het werk van die vijf. Bij natuurkunde en scheikunde vraagt het comité in het voorjaar beoordelingen op bij specialisten en schrijft het in de zomer een rapport. Bij de vredesprijs maakt het comité na februari een korte lijst, waarna een kleine groep vaste adviseurs, meestal Noorse hoogleraren, rapporten over die kandidaten schrijft. In oktober volgt de stemming. Het besluit is definitief, er bestaat geen beroep.
Waarom de namen 50 jaar geheim blijven
De statuten van de Nobelstichting verbieden het om informatie over voordrachten openbaar te maken, en dat geldt vijftig jaar lang. Het gaat niet alleen om wie er genomineerd werd, maar ook om wie er nomineerde en om de rapporten en adviezen die erbij horen.
Dat betekent dat elke lijst met kanshebbers die je deze week in de media ziet, gissen is. Het Noorse Nobelcomité zegt het zelf ook zo. Als er een naam rondgaat, is dat volgens het comité pure speculatie of informatie die de indiener zelf naar buiten heeft gebracht. Het comité deelt de namen niet met de pers en ook niet met de kandidaten zelf.
Wel is er een archief. Na vijftig jaar gaan de stukken open, en inmiddels zijn bijvoorbeeld de voordrachten voor de literatuurprijs van 1975 in te zien. Zo weten we nu dat sommige beroemde namen vaak werden voorgedragen zonder ooit te winnen. De natuurkundige Lise Meitner werd 48 keer genomineerd en kreeg de prijs nooit, en ook Mahatma Gandhi werd meerdere keren voorgedragen voor de vredesprijs zonder hem te krijgen.
Ik vind die regel eerlijk gezegd een van de verstandigste dingen aan de hele procedure. Doordat niemand weet wie er op de lijst stond, kan ook niemand campagne voeren tegen een kandidaat of een comité onder druk zetten. En wie niet wint, hoeft niet jarenlang de eeuwige kanshebber te zijn.
Een paar dingen die vaak verkeerd gaan
Het aantal kandidaten wordt soms wel bekendgemaakt, alleen de namen niet. Voor de vredesprijs van 2026 registreerde het Noorse Nobelinstituut 287 kandidaten, 208 personen en 79 organisaties. Een jaar eerder waren het er 338, en het record staat op 376 in 2016.
De prijs voor economie is formeel geen Nobelprijs. De Zweedse centrale bank stelde hem in 1968 in, ter nagedachtenis aan Alfred Nobel, en hij wordt sinds 1969 volgens dezelfde regels uitgereikt door de Koninklijke Zweedse Academie van Wetenschappen. In het nieuws heet hij toch meestal gewoon de Nobelprijs voor economie.
Wie deze week de bekendmakingen volgt, weet dus dat de namen die worden voorgelezen het eindpunt zijn van een stemming in een kleine kring, na een jaar van lezen, rapporten en overleg. En dat we pas in 2076 te horen krijgen wie er dit jaar nog meer op de lijst stonden.






