Een luide galm, een voortdurend geruis of een irritante piep. Zo omschrijven omwonenden van de Euromast in Rotterdam het geluid dat ze al sinds juni horen. Sinds die maand kwamen er honderden meldingen binnen, en volgens de NOS waren het er in één week alleen al minstens 75. Dat het geluid uit de toren komt, staat inmiddels vast. Waar het precies vandaan komt, weet nog niemand.
Dat klinkt mysterieus, maar het verschijnsel zelf is goed bekend. Gebouwen, bruggen en masten die in de wind gaan zingen, komen vaker voor, en de oorzaken lijken op elkaar.
Wat er tot nu toe bekend is
De Milieudienst Rijnmond (DCMR) onderzoekt de klachten. Eerst werd gedacht aan loshangende kabels, want de Euromast was vanaf januari dicht voor een grote opknapbeurt. Een aannemer spande daarom een aantal kabels strakker aan. Dat hielp niet. In juli ging de toren weer open, de werkzaamheden waren voorbij, maar het geluid bleef.
De NOS meldt dat de DCMR heeft vastgesteld dat het geluid uit het hogere deel van de toren komt, en dat er nu een gespecialiseerd ingenieursbureau meezoekt. Omwonenden merken dat het erger is als het hard waait, en nu het herfst is, horen ze vaker een hard gegier in plaats van een fluittoon. Volgens de DCMR doet de organisatie van de Euromast op verzoek van de milieudienst onderzoek naar de exacte oorzaak, en is ook bouw- en woningtoezicht van de gemeente betrokken.
Waarom een toren gaat fluiten
Dat het geluid samenhangt met de wind, is het belangrijkste aanknopingspunt. Er zijn grofweg drie manieren waarop wind een gebouw laat zingen.
De eerste is de bekendste. Als wind langs een rond of smal voorwerp stroomt, zoals een kabel, een paal of een buis, laten er achter dat voorwerp afwisselend links en rechts kleine wervels los. Dat heet een wervelstraat van Von Kármán. Die wervels ontstaan in een vast ritme, en dat ritme hoor je als een toon. Hoe harder het waait, hoe hoger de toon. Natuurkundigen noemen dat een eolische toon, naar de Griekse windgod Aiolos. Het is hetzelfde effect waardoor telefoondraden in de wind zingen.
De tweede is resonantie. Een holle ruimte, zoals een open buis, een spleet tussen panelen of een gat in een rooster, werkt als een fluit. Waait de wind er in de juiste hoek langs, dan gaat de lucht erin trillen en ontstaat een harde toon. Dat verklaart ook waarom het geluid niet steeds te horen is. Het hangt af van windrichting en windsnelheid samen.
De derde is trilling van het materiaal zelf. Een plaat, een kabel of een antenne die in de wind gaat meetrillen, kan ook een brom of gegier geven, zeker als het onderdeel net zo snel trilt als de wervels die de wind maakt.
Rotterdam kent dit al
De stad heeft er zelfs een eigen voorbeeld van. Volgens Wikipedia begonnen de tuien van de Erasmusbrug kort na de opening in 1996 bij windkracht zes onverwacht te bewegen. Regendruppels veranderden het profiel van de kabels net genoeg om ze gevoelig te maken voor trillingen door de wind. Er moesten dempers op de kabels worden gemonteerd.
Een bekend voorbeeld van een zingend gebouw staat in Manchester. De Beetham Tower maakt daar sinds de oplevering in 2006 bij harde wind een luid gehuil, dat volgens de Engelse Wikipedia uit de glazen rand bovenop het gebouw komt. Er werden schuimkussens, aluminium randen en nog meer aanpassingen aangebracht, maar het geluid kwam steeds terug. Dat laat zien hoe lastig het kan zijn, ook als je de plek al kent.
Bij de Euromast is de vraag dus niet zozeer of de wind de oorzaak is, maar welk onderdeel boven in de toren als kabel, fluit of trillende plaat werkt. De toren kreeg in 1970 de Spacetower, een stalen opbouw van 85 meter, en juist dat hoge deel wijst de DCMR aan. Dat het geluid na een opknapbeurt begon, maakt het waarschijnlijk dat er bij die werkzaamheden iets is veranderd, zoals een nieuw onderdeel, een losgekomen afdekking of een andere opening. Dat is wel een inschatting, geen uitkomst van het onderzoek.
Zelf last van een fluittoon? Zo meld je het
Woon je in de buurt van de Euromast, of hoor je ergens anders in de regio Rijnmond een toon die je niet kunt plaatsen, meld het dan bij de DCMR. Dat kan via het formulier voor overlast of telefonisch bij de meldkamer op 0888-333 555, die dag en nacht bereikbaar is.
- Noteer het tijdstip, en of het hard waaide en uit welke richting.
- Neem het geluid op met je telefoon. Een opname helpt onderzoekers om de toonhoogte te bepalen.
- Meld elke keer opnieuw. Juist het patroon van meldingen helpt om de oorzaak te vinden.
Buiten de regio Rijnmond meld je geluidsoverlast van gebouwen of bedrijven bij je gemeente of bij de omgevingsdienst in jouw regio. Hoor je een toon die alleen jij lijkt te horen, ook binnen en bij windstil weer, dan kan het ook aan iets anders liggen dan een gebouw, zoals een apparaat in huis of bij de buren.







