Wie op een drukke winteravond de auto aan de laadpaal hangt terwijl de warmtepomp draait en de oven aanstaat, gaat daar vanaf 2029 waarschijnlijk meer voor betalen. Wie in een klein appartement woont en weinig stroom gebruikt, gaat er juist op vooruit. Dat is in twee zinnen het voorstel dat de Autoriteit Consument & Markt op donderdag 8 oktober presenteerde. Het gaat om een flinke verandering in hoe we betalen voor het stroomnet, en het loont om nu al te snappen hoe het in elkaar zit.
Wat er precies verandert
Op je energierekening staan drie soorten kosten. Je betaalt voor de stroom zelf (de leveringsprijs), je betaalt belastingen, en je betaalt de netbeheerder voor het transport van die stroom naar je huis. Dat laatste deel heet het transporttarief of nettarief en is ongeveer een derde van de elektriciteitsrekening. Alleen over dat deel gaat het voorstel. Je leverancier en de belastingen blijven erbuiten.
Nu betaalt elk huishouden voor die netaansluiting hetzelfde bedrag, ongeacht hoeveel stroom er doorheen gaat. Een studio met een paar lampen betaalt evenveel als een vrijstaand huis met een warmtepomp en een eigen laadpaal. Dat wil de ACM loslaten. In het voorstel van de toezichthouder blijft gemiddeld een derde van het transporttarief een vast bedrag. De andere twee derde gaat afhangen van hoeveel stroom je gebruikt en op welk moment.
Daarvoor komen er tijdsblokken met een laag, een normaal en een hoog tarief. Die blokken verschillen tussen zomer en winter. Wie veel stroom trekt op de momenten dat iedereen dat doet, betaalt meer. Wie zijn verbruik naar de rustige uren schuift, betaalt minder. De regels gelden voor alle huishoudens en voor bedrijven met een kleine aansluiting (tot en met 3×80 ampère), en ze moeten op 1 januari 2029 ingaan. Bedrijven met een grote aansluiting op de regionale netten krijgen een jaar eerder al tijdsafhankelijke tarieven, vanaf 1 januari 2028.
Waarom de ACM dit wil
Het stroomnet in Nederland zit op veel plekken vol. Volgens Metro, dat het ANP-bericht over het voorstel overnam, staan duizenden bedrijven op een wachtlijst voor een aansluiting, en werd vorige maand bekend dat er voor honderdduizenden stroomaanvragen voor nieuwbouwwoningen geen ruimte is. Netbeheerders breiden het net uit, maar dat kost jaren en veel geld.
Het probleem zit vooral in de pieken. Het net moet groot genoeg zijn voor het drukste moment van de dag, ook al is het de rest van de tijd lang niet vol. Als huishoudens een deel van hun verbruik verschuiven, worden die pieken lager. Netbeheerders schatten dat de piekbelasting door huishoudens met deze tarieven met tien procent daalt. Volgens de ACM is dat genoeg om ongeveer 700.000 extra woningen aan te sluiten zonder dat het net direct verzwaard hoeft te worden.
De kosten lopen intussen al op. In de toelichting bij het voorstel schrijft de ACM dat de transportkosten voor huishoudens in 2027 met ongeveer 89 euro omhooggaan, en dat ze daarna naar verwachting verder stijgen. Die rekening moet hoe dan ook betaald worden. De vraag is alleen hoe je hem verdeelt.
Wie gaat meer en wie minder betalen
De ACM heeft voorbeeldhuishoudens doorgerekend, en de verschillen zijn groot. Een klein appartement betaalt in 2029 volgens de toezichthouder zo’n 100 tot 200 euro per jaar minder dan het jaar ervoor. Een huishouden in een vrijstaande woning met een warmtepomp en een elektrische auto betaalt 300 tot 450 euro per jaar meer, en dat is al gerekend met een gezin dat zijn verbruik zoveel mogelijk aanpast aan de nieuwe tijdsblokken.
Volgens ACM-bestuurslid Manon Leijten gaat ongeveer zestig procent van de huishoudens erop vooruit. Dat zijn vooral de kleinere verbruikers. De groep die erop achteruitgaat bestaat juist uit mensen die het verst zijn met verduurzamen, en dat is het punt waar het voorstel gevoelig ligt. De ACM verwijst naar onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, waaruit blijkt dat een (hybride) warmtepomp ook onder de nieuwe regels blijft lonen ten opzichte van een cv-ketel, ook als je de aanschaf meerekent.
Ik vind het eerlijke deel van dit verhaal sterker dan het lijkt. Dat een studio net zoveel netkosten betaalt als een huis met laadpaal, voelt al jaren scheef. Maar wie de afgelopen jaren een warmtepomp kocht omdat de overheid dat aanmoedigde, krijgt nu te horen dat zijn netkosten omhooggaan. Dat de totale energierekening dan nog steeds lager uitvalt dan met gas, zal niet iedereen geruststellen die een paar honderd euro per jaar extra ziet staan.
Wat je nu al kunt doen
Voor 2029 verandert er niets aan je nettarief. Er is dus geen reden om nu iets overhaast te doen. Wel zijn er een paar dingen die verstandig zijn om mee te nemen bij beslissingen die je de komende jaren toch al neemt.
- Koop je een laadpaal of een elektrische auto, let dan op of je het laden kunt plannen. Laden op een rustig moment wordt straks precies het gedrag dat beloond wordt, en de ACM noemt de laadpaal zelf als het belangrijkste voorbeeld.
- Bij een warmtepomp, boiler of thuisbatterij geldt hetzelfde. Apparatuur die je slim kunt aansturen, is in een stelsel met tijdsblokken meer waard dan apparatuur die alleen aan of uit kan.
- Kijk eens wanneer je zelf veel stroom gebruikt. Wasmachine, droger en vaatwasser zijn de makkelijkste dingen om te verschuiven, de kookplaat rond etenstijd veel minder.
- Houd de definitieve tijdsblokken in de gaten. Pas als die vastliggen, weet je echt wat voor jouw huishouden telt.
Het voorstel is nog niet definitief. Belanghebbenden kunnen tot zes weken na publicatie reageren op het ontwerpbesluit, daarna neemt de ACM een definitief besluit. In het persbericht staat dat dit nog dit jaar gebeurt, in de toelichting wordt begin 2027 genoemd. Wie meer wil weten over hoe de toezichthouder werkt en wanneer je er zelf iets kunt melden, vindt dat in ons stuk over wat de ACM doet als toezichthouder.
Mijn verwachting is dat de discussie de komende weken vooral over die tweede groep gaat, de huishoudens die al verduurzaamd hebben en nu meer gaan betalen. Of de ACM daar nog iets aan schuift, zien we bij het definitieve besluit. Tot die tijd geldt vooral dat het moment waarop je stroom gebruikt vanaf 2029 bijna net zo belangrijk wordt als hoeveel je gebruikt.







